TOELICHTING


De centrale vraag in mijn werk is hoe ik ideeën uit religie en mystiek, met name (zen)boeddhisme en christendom, op een hedendaagse manier kan gebruiken en vormgeven.

Ik combineer religieuze thema's en motieven met elementen uit het dagelijks leven of met ontwikkelingen in de maatschappij. Hierbij vermengt zich, het heilige met het alledaagse, introspectie en lijden met spel en lichtvoetigheid, mens met dier, het tragische met het komische.

Deze mengeling van betekenissen krijgt vorm met een diversiteit aan materialen. Naast een kneedbaar materiaal als klei gebruik ik (ready/made) materialen zoals textiel, speelgoed, hondenhaar en veren.

De context en sfeer waarin kunst wordt tentoongesteld is belangrijk voor de beleving en betekenis van het kunstwerk. Ik probeer de sfeer van de tentoonstellingsruimte als het mogelijk is naar mijn hand te zetten. Zo bouwde ik in 2006 in museum Valkhof in Nijmegen een schaars verlichte ruimte getiteld ‘Studie voor een rouwruimte’ en in 2008 de Vastenruimte in de tentoonstelling ‘Cold Turkey’ in museum Catharijneconvent in Utrecht. Daarnaast houd ik me met De Vrienden van Job bezig met het bedenken en organiseren van tentoonstellingen en tentoonstellingsconcepten (zie elders op deze website).

Het geloof in de grote verhalen (christendom, socialisme, liberalisme) is verdwenen. Onze leefwereld is door de televisie en de digitale revolutie is enorm vergroot. De wereldbevolking is door oorlogen en armoede op drift geraakt en we worden bedreigd door ecologische en klimatologische veranderingen. Binnen deze (verwarrende) context is het belangrijk dat de essentiële thema’s van het menselijk bestaan, -geboorte , lijden, dood - verbeeld worden. Mijn werk hoopt daaraan een bijdrage te leveren.


Wout Herfkens, december 2010